Ik krijg de laatste tijd veel ‘fanmail’. Nou ja, het is natuurlijk niet alleen mail van mijn fans die mij tweewekelijks een SMS, WhatsApp, duimpje, like of smiley toesturen. Er zijn ook mensen die mij in het Bergerbos of in het dorp aanspreken over de inhoud van deze rubriek. Dat is leuk en dat streelt mijn ego. Niet dat ik in de psychoanalyse zit, maar van complimenten kun je nooit genoeg krijgen.

Daarnaast is er ook een groep columnlezers die mijn bloed wel kunnen drinken of hardop in de kroeg schreeuwen dat ze graag stevig gas geven als Robbie van de Pas bij Nero’s Place het zebrapad op loopt. Dat klinkt bedreigend, maar feitelijk zijn dat soort lieden redelijk ongevaarlijk, omdat ze met 15 bier in hun dikke mik toch niet meer in staat zijn om auto te rijden.

LEO DERKSEN

Voormalig Bergenaar en Telegraaf-columnist Leo Derksen kreeg veel fanmail en daarnaast ook regelmatig haatmail. En dat was in die tijd geen snel geschreven e-mailtje, TWEET van een psychopathische twitteraar of Facebook frustraat die met één knop de hele wereld wil bedreigen. Nee, dat waren toen serieuze brievenschrijvers. Boos op Leo z’n stukkie én dan de moeite nemen om, met stoom uit je oren, achter je schrijfmachine te gaan zitten, een brief van twee kantjes tikken, een envelop zoeken, postzegel kopen en kokend van woede op de fiets naar de dichtstbijzijnde brievenbus rijden. Kijk, dan ben je echt een diehard haatmail-schrijver.

Eerlijk is eerlijk! Ik krijg ook haatmail of boze lezertjes op mijn tijdlijn, zoals dat tegenwoordig heet. Dat is prima en ook dát vind ik een vorm van waardering voor mijn rol als columnist die van uitdagen en stevig prikkelen houdt. Althans, ik schrijf deze column volledig op persoonlijke titel en dankzij de hoofdredactie van het Bergens Nieuwsblad wordt Artikel 7, De PERSVRIJHEID in onze GRONDWET volledig gerespecteerd.
Wat zegt dat artikel nu eigenlijk? Lees Lid 1: “Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet”.
Hoewel er dus nooit vooraf toestemming nodig is voor enige publicatie, moet ik als auteur er wel rekening mee houden dat ik achteraf kan worden aangeklaagd wanneer mijn publicatie bijvoorbeeld smadelijk, lasterlijk of discriminerend is, of aanzet tot haat. Mijn persvrijheid neemt dus niet mijn verantwoordelijkheid voor hetgeen gepubliceerd wordt weg. Nou, die uitdaging ga ik graag aan.

BEKNOTTING

De zogenaamde ‘beknotting van de persvrijheid’ is op dit moment wel een van de grootste bedreigingen van onze democratische systeem. Een veel gebruikte methode om de persvrijheid te beknotten is het dreigen met of aanspannen van rechtszaken wegens smaad en laster wanneer publicaties de overheid (of overheidsfunctionarissen) niet welgezind zijn. In ons dorp lopen er ook een paar lieden rond die suggereren dat mijn columns niet passen in een weekblad dat voor 50% door de lokale overheid wordt ‘gesponsord’. Wacht even, het Bergens Nieuwsblad is een volstrekt onafhankelijke organisatie die de persvrijheid respecteert en daarnaast de lokale overheid de ruimte biedt om haar eigen doen en laten te communiceren. Niets meer en niet minder.

Het wordt wel zeer zorgelijk als een zittende volksvertegenwoordiger en een ex-PVDA-raadslid in dit dorp schrijven dat het Bergens Nieuwsblad definitief afscheid van mij moet nemen of minimaal de mond moet snoeren. Dat mogen ze vinden, dat mag iemand ook schrijven en dat mag iemand hardop in de kroeg schreeuwen. Of dat smadelijk, lasterlijk of discriminerend is? Het zal mij werkelijk jeuken, maar ZWIJGEN doe ik pas in het graf.